Traprenovatie
Traprenovatie in een jaren-30 woning
Een trap uit de jaren dertig is steiler, smaller en ongelijker dan een moderne trap. Geen enkele trede heeft dezelfde maat, de trap staat vaak uit het lood en er zit bijna altijd een kwartslag in. Dat maakt overzetten niet onmogelijk, maar het maakt de manier van inmeten doorslaggevend.
In het kort
- Treden in een jaren-30 trap verschillen onderling vaak 5 tot 15 millimeter in diepte.
- Standaardmaten werken hier niet; elke trede wordt apart ingemeten en gefreesd.
- De kwartslag onderaan of bovenaan is het lastigste en het duurste deel.
- Reken op 10 tot 20 procent meer dan bij een rechte moderne trap.
- De constructie is meestal massief grenen en gezond, maar de treden zitten vaak los.
Waarom deze trappen anders zijn
Trappen uit de jaren twintig tot veertig zijn ter plekke gemaakt door een timmerman, niet in een fabriek. Er waren geen standaardmaten en er was geen bouwbesluit dat de helling begrensde. Het gevolg is een trap die zich naar het huis heeft gevoegd in plaats van andersom.
| Kenmerk | Jaren-30 trap | Moderne trap |
|---|---|---|
| Aantrede, de diepte | 17 tot 21 cm | 22 tot 24 cm |
| Optrede, de hoogte | 20 tot 23 cm | 17 tot 19 cm |
| Breedte | 70 tot 80 cm | 85 tot 100 cm |
| Verschil tussen treden onderling | 5 tot 15 mm | 1 tot 2 mm |
| Houtsoort | massief grenen of vuren | vuren of gelamineerd plaatmateriaal |
| Vorm | vrijwel altijd met kwartslag | vaak recht of kwartslag |
| Uit het lood | regelmatig, 3 tot 10 mm | zelden |
Die 5 tot 15 millimeter verschil tussen treden onderling is het getal dat telt. Op een moderne trap kunt u dertien keer dezelfde maat zagen; hier niet.
Het goede nieuws is de constructie. Massief grenen van bijna een eeuw oud is bijna altijd sterker dan het plaatmateriaal in een moderne trap. Wat er wel mankeert is de bevestiging: de wiggen die de treden in de trapboom klemmen, zijn na tachtig jaar vaak gekrompen. Vandaar het kraken.
Waarom standaardmaten hier vastlopen
Een overzettrede uit een standaardserie is een rechthoekige plaat die u afzaagt op de maat van uw trede. Dat werkt zolang uw trede rechthoekig is en zolang alle treden dezelfde maat hebben. In een jaren-30 woning klopt geen van beide.
- De treden zijn niet even diep. Zaagt u ze allemaal op dezelfde maat, dan steekt de neus bij de ene trede verder uit dan bij de andere. Van onderaf ziet u dat direct.
- De trap staat uit het lood. De opening tussen de twee trapbomen loopt van boven naar beneden een paar millimeter op, dus elke trede is een andere breedte.
- De muur is niet recht. Bij een gestuukte muur uit die periode loopt de zijkant vaak bol of hol, en dan sluit een rechte zaagsnede niet aan.
- De kwartslag bestaat uit waaiertreden. Elk daarvan is een taartpunt met een eigen hoek, een smalle en een brede kant.
Wat er dan gebeurt is voorspelbaar: er wordt gekit. Een kitrand van vijf millimeter langs dertien treden is precies het detail waaraan u een goedkope traprenovatie herkent, en het is ook het detail dat na een paar jaar loslaat en vuil wordt.
Wij meten daarom elke trede apart in, met de werkelijke hoeken en de werkelijke maten, en frezen elke trede op zijn eigen maat. Dat is de reden dat de levertijd langer is dan bij een pakket, en het is ook de reden dat er geen kitrand nodig is.
De kwartslag: waar het werk zit
Vrijwel elke vooroorlogse rijtjeswoning heeft een kwartslag in de trap, meestal onderaan bij de hal. Daar zitten drie tot vier waaiertreden die samen een kwartcirkel maken.
Elke waaiertrede heeft een smalle kant tegen de spil en een brede kant tegen de buitenmuur, en de hoek waaronder hij staat is bij geen twee treden gelijk. Bij het inmeten wordt van elke trede een mal gemaakt of een digitale opname, en die gaat naar de freesbank. Dat is het bewerkelijkste deel van de hele klus.
| Onderdeel | Rechte trede | Waaiertrede |
|---|---|---|
| Inmeten | twee maten | vier maten plus twee hoeken |
| Frezen | recht | op mal, met verstek |
| Montagetijd | 10 minuten | 20 tot 30 minuten |
| Meerprijs per trede | - | € 15 tot € 30 |
Vier waaiertreden verklaren dus grofweg € 60 tot € 120 van het prijsverschil tussen een rechte en een gedraaide trap. De rest zit in de extra montagetijd en het risico op uitval.
Wat het kost in deze woningen
Reken op tien tot twintig procent meer dan bij een rechte moderne trap van hetzelfde aantal treden. Dit zijn de bandbreedtes die wij in de praktijk aanhouden.
| Trap | Treden | Indicatie | Doorlooptijd |
|---|---|---|---|
| Kwartslag onderaan, PVC | 13 | € 1.750 tot € 2.050 | 1 tot 2 dagen |
| Kwartslag onderaan, hout | 13 | € 1.950 tot € 2.250 | 1 tot 2 dagen |
| Kwartslag boven en onder | 14 tot 15 | € 2.200 tot € 2.700 | 2 dagen |
| Plus zoldertrap | 8 tot 10 extra | € 900 tot € 1.400 extra | halve dag extra |
| Losse treden vastzetten | per trede | in de prijs | - |
| Aangetaste trede vervangen | per trede | € 90 tot € 160 | - |
Het vastzetten van krakende treden zit bij ons in de prijs. Het vervangen van een trede die echt aangetast is, is een aparte post en wordt bij het inmeten benoemd.
De zoldertrap is de post die het vaakst vergeten wordt. In veel vooroorlogse woningen is er een tweede, nog steilere trap naar de zolder, en die valt visueel op als hij als enige oud blijft. Neem hem mee in de vraag, ook als u nog niet zeker weet of u hem wilt doen.
Wat wij bij het inmeten controleren
Bij een oude trap is inmeten meer dan maten opnemen. Dit lopen we standaard na, en dit is ook wat u zelf alvast kunt bekijken:
- Zitten de treden vast? Ga op het midden van elke trede staan en wieg heen en weer. Beweging of gekraak betekent gekrompen wiggen.
- Buigt een trede door? Kijk van opzij langs de voorkant. Een holle lijn betekent doorbuiging.
- Is het hout gezond? Druk met een schroevendraaier in de onderkant bij de muur. Zacht hout of kleine gaatjes vragen om nader onderzoek.
- Staat de trap uit het lood? Leg een waterpas dwars op drie treden, boven, midden en onder.
- Hoeveel doorloophoogte is er? Meet bij de bovenste treden de hoogte tot de balk of de schuine wand.
- Wat gebeurt er met de leuning? Een oude leuning met gietijzeren of gedraaide balusters is vaak het bewaren waard.
Dat laatste is een keuze die u eerder moet maken dan u denkt. Blijft de originele leuning zitten, dan moet de overzettrede eromheen worden ingemeten, met een uitsparing per baluster. Gaat de leuning eruit, dan wordt het paswerk eenvoudiger maar verliest de trap een deel van zijn karakter.
Steilheid en wat een renovatie daar niet aan doet
Een jaren-30 trap is steil naar moderne maatstaven: een optrede van 22 centimeter bij een aantrede van 18 is niet ongewoon, waar nu 19 bij 23 gangbaar is. Dat betekent dat u meer op de bal van uw voet loopt en dat de trap af steiler voelt dan de trap op.
Een traprenovatie verandert daar niets aan. De helling blijft hetzelfde, want de constructie blijft hetzelfde. Wat wel helpt:
- Een neus die niet te ver uitsteekt. Een grote overstek maakt de bruikbare trede juist smaller in plaats van breder.
- Antislipstrips ingefreesd in de neus, vooral op de treden waar u naar beneden het meeste vertrouwen nodig heeft.
- Een goede leuning aan beide zijden, als de breedte het toelaat. Dat is bij een steile trap effectiever dan welke vloerafwerking ook.
- Licht. Een trapverlichting die de neus van elke trede aanzet, voorkomt meer ongelukken dan grip.
Wilt u de helling echt veranderen, dan komt u uit bij een nieuwe trap en meestal ook bij een groter trapgat. Dat is een verbouwing met een constructeur erbij, geen renovatie. In een monumentaal pand of een beschermd stadsgezicht is het bovendien lang niet altijd toegestaan.
De vooroorlogse straten van Waalwijk en Drunen
De jaren-30 woningvoorraad zit hier geconcentreerd in een aantal herkenbare gebieden: de oude linten van Waalwijk en Besoyen, de kern van Drunen, de dorpsstraten van Sprang-Capelle en Vlijmen, en de vooroorlogse buurten van Kaatsheuvel. In die straten staan rijtjes van zes tot twaalf woningen die door dezelfde aannemer zijn neergezet, met trappen die per rijtje hetzelfde zijn.
Dat laatste is een praktisch voordeel. Hebben wij in uw straat al een trap gedaan, dan weten we vaak al hoe de kwartslag eruitziet en welke verrassingen erin zitten. Het inmeten blijft per woning, want de zetting verschilt, maar de aanpak is dan al bekend.
Waar we in deze woningen structureel op letten is de onderste trede en de aansluiting op de hal. In veel vooroorlogse huizen ligt daar nog een originele tegelvloer, soms met een patroon dat het bewaren waard is. De onderste trede moet daar netjes op aansluiten zonder dat er een profiel overheen komt, en dat vraagt om een aparte maat.
In Vesting Heusden en de historische kernen van Oisterwijk en 's-Hertogenbosch komen we panden tegen die ouder zijn dan de jaren dertig, met trappen die soms monumentaal zijn. Daar kijken we eerst of een renovatie uberhaupt gewenst is, of dat alleen de looplaag vernieuwd moet worden met het originele houtwerk in het zicht.
Samenvatting
- Treden in een jaren-30 trap verschillen onderling 5 tot 15 millimeter; standaardmaten lopen daarop vast.
- De kwartslag met waaiertreden is het bewerkelijkste deel en verklaart € 60 tot € 120 van het prijsverschil.
- Reken op 10 tot 20 procent meer dan bij een rechte moderne trap.
- De constructie is meestal massief en gezond; het kraken komt van gekrompen wiggen en wordt bij het voorbereiden opgelost.
- Een renovatie verandert de steilheid niet; grip, leuning en verlichting doen dat wel.
Vrijblijvend
Uw oude trap laten inmeten?
Stuur een foto en de maten, dan hoort u dezelfde dag een prijsindicatie. Inmeten is gratis.
Traprenovatie
Verder in dit onderwerp
Traprenovatie met overzettreden
Overzettreden zijn dunne treden die over uw bestaande treden heen gaan, dus er wordt niets geslo
LezenOpen trap dichtmaken
Stootborden plaatsen kost EUR 35 tot EUR 55 per trede bovenop de traprenovatie
LezenPVC of hout op de trap?
PVC-treden zijn 3 tot 4 mm dik, houten treden 6 tot 8 mm; dat scheelt in opbouwhoogte
LezenDe ondergrond in de Langstraat
De polders rond Waalwijk en Sprang-Capelle liggen op rivierklei, die met het grondwater meewerkt
LezenVeelgestelde vragen
Veelgestelde vragen over een jaren-30 trap
Kan een jaren-30 trap gerenoveerd worden?
Ja, en in de meeste gevallen is het de beste route. De constructie is doorgaans massief grenen en sterker dan het plaatmateriaal in een moderne trap. Wat er mankeert zijn de wiggen die de treden klemmen, en die worden bij het voorbereiden vastgezet.
Waarom werken standaardmaten niet op een oude trap?
Omdat de treden onderling 5 tot 15 millimeter in diepte verschillen, de trap vaak een paar millimeter uit het lood staat en de gestuukte muur zelden recht is. Zaagt u alle treden op dezelfde maat, dan steekt de neus ongelijk uit en blijven er kieren bij de muur die met kit gevuld moeten worden.
Wat kost een traprenovatie in een jaren-30 woning?
Tien tot twintig procent meer dan bij een rechte moderne trap. Voor een trap van dertien treden met een kwartslag onderaan reken op € 1.750 tot € 2.050 in PVC en € 1.950 tot € 2.250 in hout, inclusief stootborden en zijafwerking.
Waarom is een kwartslag duurder?
Elke waaiertrede is een taartpunt met een smalle en een brede kant en een eigen hoek. Er wordt per trede een mal gemaakt en op verstek gefreesd, en de montagetijd is twee tot drie keer zo lang als bij een rechte trede. Reken op € 15 tot € 30 meerprijs per waaiertrede.
Mijn trap kraakt, kan dat verholpen worden?
Ja, en meestal wordt de trap er stiller van. Het kraken komt van wiggen die in tachtig jaar gekrompen zijn, waardoor de trede speling heeft in de trapboom. Die worden vastgezet voordat de overzettrede erop gaat. Dat zit in de prijs per trede.
Wat als een trede is aangetast?
Dan moet die eerst vervangen of hersteld worden, want een overzettrede maakt een zwakke trede niet sterker. Reken op € 90 tot € 160 per trede. Wij controleren dat bij het inmeten door met een schroevendraaier in de onderkant bij de muur te drukken.
Wordt mijn trap minder steil na een renovatie?
Nee. De helling zit in de constructie en die blijft zitten. Wat wel helpt is een neus die niet te ver uitsteekt, antislipstrips in de neus, een goede leuning en verlichting die de neus van elke trede aanzet. De helling veranderen betekent een nieuwe trap en meestal een groter trapgat.
Kan mijn originele leuning blijven zitten?
Ja, maar zeg het vooraf. De overzettreden moeten dan om elke baluster heen worden ingemeten, met een uitsparing per stuk. Dat is meer paswerk en dus wat duurder, maar bij een leuning met gietijzeren of gedraaide balusters is het het vrijwel altijd waard.
Hoeveel doorloophoogte heb ik nodig?
Het huidige bouwbesluit gaat uit van 2,30 meter vrije doorloophoogte; in vooroorlogse woningen is dat vaak minder en dat mag zo blijven. Bij een renovatie wordt de trede een paar millimeter dikker, dus wij meten de hoogte bij de bovenste treden na. Bij krappe hoogte adviseren wij PVC in plaats van hout.
Moet mijn zoldertrap ook mee?
Dat hoeft niet, maar het valt op als hij als enige oud blijft. In veel vooroorlogse woningen zit er een tweede, nog steilere trap naar zolder. Reken op € 900 tot € 1.400 extra voor acht tot tien treden, en een halve dag extra.
Hoe sluit de onderste trede aan op een oude tegelvloer?
Met een op maat gemaakte onderste trede, zonder profiel eroverheen. In veel vooroorlogse woningen ligt in de hal nog een originele tegelvloer met een patroon, en daar wil je geen aluminium strip overheen. Die trede krijgt daarom een aparte maat en soms een aparte bewerking.
Hoe lang duurt het bij een oude trap?
Een tot twee dagen voor dertien treden met een kwartslag. De montage zelf is niet langer dan bij een moderne trap, maar het paswerk aan de waaiertreden en de aansluiting op de muur kosten meer tijd. De levertijd van het materiaal is wel langer, omdat elke trede apart gefreesd wordt.
Werken jullie ook in monumentale panden?
Ja, maar dan kijken we eerst of een volledige renovatie gewenst is. Bij een originele trap in een pand in bijvoorbeeld Vesting Heusden of de Bossche binnenstad is het soms beter om alleen de looplaag te vernieuwen en het zichtbare houtwerk in het zicht te laten. Ga bij een monument of beschermd stadsgezicht altijd eerst na wat er is toegestaan.